zeilen op de Waddenzee met zeilschip Ontmoeting

Ontmoeting Zeilreizen
Zeil Wijzer Op De Waddenzee

Govert van Veenendaal

Wadzeilen In De Praktijk

"De Feiten Over Meetpalen En Waterstanden"

meetpaal

De actuele waterstanden worden verkregen door metingen in palen van Rijkswaterstaat. De meting is een indicatie voor de ruimere omgeving. Hoe verder je er vanaf bent hoe minder nauwkeurig het is.

Dat kan op relatief korte afstanden al grote verschillen geven. Het zeegat tussen Vlieland en Terschelling loopt snel vol aan het begin van de vloed. Bij gevolg kan het water in het Schuitengat (bij springtij) in een uur met een meter stijgen. De zandbanken van het Zuidelijke Stortemelk, Schuitengat en Jacobsruggen vormen echter wel een belemmering voor de doorstroming naar het Oosterom. Het Oosterom wordt daarom vooral gevoed door het Boomkersdiep.

De Vloed Komt Uit Het Westen

De waterstand in het Schuitengat komt meer overeen met de waterstand op Vlieland dan Terschelling. Logisch want de vloed komt uit het westen. Er vormt zich eerst een ophoping van water die verder langzaam over de hele waddenzee uitspreid. Eerst loopt de vloed de Vliestroom in en daarna het oostelijker gelegen Boomkers diep.

In het begin worden de stromen belemmerd door nauwe geulen. Als de banken onderlopen krijgt het water meer ruimte en stijgt het regelmatiger. Op de banken is de stroming meestal minder sterk dan in de diepere geulen. Uitzonderingen zijn de zandbanken in of nabij zeegaten en diepe geulen.

Wantijen Ondieptes In Oost West Passage

De Wantijen onder de eilanden bestaan uit zandophopingen

steekbakens

Steekbakens op het Wantij

De zandbanken waar weinig stoom staat zijn de zogenaamde Wantijen, ondiepere uitlopers van geulen. Dit zijn de passages in de Oos West verbinding op de Waddenzee. De ondiepste delen van de geulen liggen onder de Waddeneilanden waar de stromen uit twee richtingen samen komen. Er is hier eigenlijk geen sprake van geulen, maar meer een zandvlakte met prieltjes en dat worden wantijen genoemd.

Wantijen En Waterstanden

Voor wat de waterstanden betreft worden die bijvoorbeeld gegeven voor West Terschelling en Nes Ameland door de Brandaris. Stel je ligt met je schip voor het wantij in het Oosterrom en op kanaal 2 meldt de Brandaris de waterstand West Terschelling. Volgens je waterstands berekening kan je over het wantij maar je loopt vast.

In dit geval is Ameland een beter uitgangspunt. Je moet een beetje middelen maar bedenk waar de stroom vandaan komt. Met andere woorden hoe ver je van de bron bent en waar het meetpunt is. Het water is niet zo hoog bij het wantij als op het meetpunt in west Terschelling. Daar zit een aanzienlijke vertraging in van om en nabij een half uur.

Met mooi weer is er niets aan de hand als je eens vast loopt. Dat hoort erbij en je kan een route verkennen maar als je met harde wind zeilt over ondieptes wil je wel voldoende water onder de kiel.

Uiteindelijk valt het hoog water op het Wantij in het oosterom samen met Harlingen. In West-Terschelling is dat een kwartier eerder. Bij Vlieland haven drie kartier eerder.

laag water Waddenzee hoog water Waddenzee

Er zijn kaartjes die het tijdsverschil van hoog of laag water ten opzichten van een bepaald punt geven. Uitgebreide informatie vind je in de stroomatlas.